AFGELAST
vanwege COVID-19

(25 april 2021)

De accordeon van Vincent van Amsterdam is bijna een verlengstuk van zijn lichaam. Hij vult de zaal met zijn muzikale persoonlijkheid. Quirine Viersen mag zich zonder twijfel wereldwijd scharen onder de beste cellisten van dit moment. Samen ontdekken deze musici de cellosonates van Bach en het bijzondere In Croce van Sofia Gubaidulina.

Quirine Viersen (1972)

Quirine Viersen kreeg de eerste lessen van haar vader Yke Viersen, cellist in het Koninklijk Concertgebouworkest. Zo won onder andere prijzen op het Rostropovich Concours Parijs 1990, op het Internationale Cello Concours Helsinki 1991 en op het Tchaikovsky Concours Moskou 1994. In datzelfde jaar ontving ze ook de meest prestigieuze staatsprijs voor klassieke muziek, de Nederlandse Muziekprijs. Quirine Viersen was soliste bij alle belangrijke Nederlandse symfonieorkesten en bij grote internationale orkesten waaronder het Koninklijk Concertgebouworkest, het St. Petersburg Philharmonisch Orkest en de Wiener Philharmoniker. Quirine Viersen treedt daarnaast ook solistisch op en in verschillende duoverbanden. Ze heeft verschillende cd’s opgenomen.

Vincent van Amsterdam (1989)

Vincent van Amsterdam is een groot promotor van de klassieke accordeon. In 2014 rondde hij zijn master cum laude af aan de Fontys Academie voor Schone Kunsten Tilburg. Hij won verschillende internationale muziekconcoursen waaronder het Prinses Christina Concours 2007 en het Nederlands Conservatorium Concours 2014. Vincent was in 2016 winnaar van de Dutch Classical Talent Award.

Hij trad op in bijna alle grote concertzalen van Nederland. In het buitenland trad Vincent op in Parijs en Athene, en maakte hij succesvolle solotours in Italië en Indonesië. Met het Van Amsterdam Duo ging Vincent op tournee door Oostenrijk en trad hij op in Servië en China. Het repertoire van Vincent kenmerkt zich door een brede reikwijdte, die reikt van Scarlatti, Bach en Frank tot Gubaidulina.

Programma (voorlopig)

Johann Sebastian Bach (1685-1750), Suites voor cello solo

Suite nr. 3 in C, BWV 1009
Prelude – Allemande – Courante – Sarabande – Bourrée – Gigue

Suite nr. 2 in d, BWV 1008
Prelude – Allemande – Courante – Sarabande – Menuet – Gigue

Suite nr. 4 in Es, BWV 1010
Prelude – Allemande – Courante – Sarabande – Bourrée – Gigue

Suite nr. 1 in G, BWV 1007
Prelude – Allemande – Courante – Sarabande – Menuet I & II – Gigue

Sofia Gubaidulina (1931), In Croce


Johann Sebastian Bach (1685 – 1750)

Johann Sebastian Bach schreef zijn cellosuites in de periode dat hij in dienst was van de vorst van Köthen (1717-1723). Dat was een tijd van ontspannen musiceren. Omdat de vorst calvinistisch was hoefde er niet, zoals later in Bachs tijd in het lutherse Leipzig, iedere week een cantate uit zijn pen te vloeien en kon hij zich helemaal toeleggen op instrumentale muziek. In Köthen ontstonden bijvoorbeeld Das Wohltemperierte Klavier I, de suites en sonates voor vioolsolo, de Brandenburgse Concerten en dus ook de cellosuites.

Sofia Gubaidulina (1931)

Sofia Gubaidulina is een avantgardistische componist die in 1931 werd geboren in Chistopol (Tartastan). Tijdens haar conservatoriumjaren werd westerse hedendaagse muziek in het toenmalige Sovjet- Rusland als “fout” bestempeld. Haar muziek is moeilijk te categoriseren. Gubaidulina gebruikt een modernistische taal om haar christelijk geloof uit te drukken. In 1975 richtten Sofia Gubaidulina, Viktor Suslin en Vyacheslav Artyomov een groep op genaamd “Astreya” met als doel nieuwe improvisatie vormen te onderzoeken door gebruik te maken van oude of folk instrumenten. Voor In Croce gebruikte Sofia Gubaidulina naast de cello ook de bayan, de traditionele Russische accordeon. De titel In Croce verwijst naar het religieuze beeld “aan het kruis”.