Celliste Doris Hochscheid vormt al vele jaren met pianist Frans van Ruth een duo dat regelmatig recitals geeft in binnen- en buitenland.  Naast het standaard repertoire houdt dit duo zich bezig met een meerjarenproject gewijd aan Nederlandse muziek voor cello en piano. Naast uitvoerende musici zijn zij ook docenten. Doris Hochscheid  is docent kamermuziek aan het Conservatorium van Amsterdam en cellodocent aan het University College Roosevelt in Middelburg. Frans van Ruth is sinds 1997 hoofd kamermuziek van het Conservatorium van Amsterdam. Doris Hochscheid en Frans van Ruth hebben in de loop der jaren een gemeenschappelijk repertoire opgebouwd van meer dan 150 composities, reikend van de gambasonates van J.S. Bach tot een toenemend aantal speciaal voor hen geschreven stukken.
In 2007 hebben Doris Hochscheid en Frans van Ruth de Stichting Cellosonate Nederland opgericht om daarin hun activiteiten op het gebied van Nederlandse muziek onder te brengen. Naast de samenstelling van een volledige online catalogus van de Nederlandse muziek voor cello en piano (www.cellosonate.nl) heeft dit geleid tot een uitgebreid cd-project, ‘Dutch Cello Sonatas’.Voor deze cd-serie ontvingen zij in oktober 2016 in Berlijn de prestigieuze ECHO Klassik Award. In februari 2017 werden zij voor hun verdiensten voor de Nederlandse muziek door koning Willem Alexander benoemd tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau.

PROGRAMMA
Johann Sebastian Bach (1685-1750)Suite voor cello solo no. 4 in Es BWV 1010
James Simon (1880-1944) Sonate in D opus 9 (1913)
PAUZE
Frédéric Chopin (1810-1849) Etude opus 25 no.7 (arr. Alexander Glazoenov)
Hans Osieck (1910-2000)Deux pièces (1991)
Ignace Lilien (1897-1964)Sonate no.1 (1918)

Johann Sebastian Bach (1685-1750)
De Duitse componist Johann Sebastian Bach ontbreekt op geen enkel lijstje van topcomponisten. Zijn zes cellosuites worden gerekend tot de grootste werken ooit geschreven voor de cello. Naar alle waarschijnlijkheid zijn de cellosuites geschreven in de periode 1717-1723, toen Bach als Kapellmeister werkte aan het hof van de muziekminnende Leopold van Anhalt-Köthen.
De cellosuites leggen een route af van eenvoud naar toenemende virtuositeit. Van de zes cellosuites staat de vierde op het programma. De Vierde suite in Es groot is donkerder van klank.

James Simon (1880-1944)
James Simon werd geboren in een Joods gezin in Berlijn. Hij studeerde aan de Musikhochschule in Berlijn piano bij Max Bruch. Zijn cellosonate is een onbekommerde romantische compositie. Je hoort er een tijdgenoot van Richard Strauss in. In 1933 vluchtte hij voor de nazi’s naar Nederland. Hij werd er een gerespecteerd lid van het Amsterdamse muziekleven. Maar tijdens de tweede wereldoorlog werd hij opgepakt en via Theresienstadt belandde hij in Auschwitz, waar hij in 1944 werd vermoord.

Frédéric Chopin (1810-1849)
Frédéric François Chopin werd in 1810 geboren in Warschau en overleed in 1849 in Parijs op 39-jarige leeftijd aan tuberculose.  Al op 7-jartige leeftijd gaf hij publieke optredens aan het hof en gaf hij zijn eerste composities uit. Vanaf zijn 21ste leefde Frédéric Chopin in Parijs een gerieflijk leven als componist en pianoleraar. Tussen 1837 en 1847 had hij een stormachtige relatie met de Franse schrijfster en barones Aurore Dudevant, beter bekend als George Sand. Zijn oeuvre bestaat bijna geheel uit composities voor piano solo. Chopin bouwde diverse muzikale vormen verder uit zoals de ballade en het scherzo en vernieuwde oude vormen als de pianosonate, wals, nocturne, etude, impromptu en prelude. Gespeeld wordt een bewerking van Etude 7 (opus 25) voor cello en piano van Alexander Glazoenov.

Hans Osieck (1910–2000)
Hans Osieck werd in 1910 geboren in Amsterdam en overleed in 2000 in Bloemendaal. Hij profileerde zich aanvankelijk als pianist en componist, vooral in de uitvoering van eigen concertante composities. Vanaf 1960 legde hij zich steeds meer toe op het lesgeven en het componeren van kamermuziek meestal in een speelse en elegante Frans georiënteerde stijl. Dat geldt ook voor zijn Deux Pièces, zijn allerlaatste compositie.

Ignace Lilien (1897-1964)
Ignace Lilien werd geboren in het tot de Oostenrijks-Hongaarse dubbelmonarchie behorende Lemberg, het huidige Lviv in Oekraïne. In zijn geboortestad studeerde hij bij pianist Theodor Pollak, die ook Stefan Askenase tot zijn leerlingen telde en met wie Lilien bevriend raakte. Als 17-jarige ondernam Ignace Lilien een fietstocht door Europa. Die voerde hem ook naar Nederland. Door het uitbreken van de Eerste Wereldoorlog kon hij toen niet naar huis terugkeren. In 1927 ging hij met zijn gezin in Tsjechië wonen, maar in 1938 keerde het gezin naar Nederland terug. Ondanks zijn Joodse afkomst, ontkwam hij aan vervolging door de bezetter. Zijn eerste cellosonate, waarin de vreugde over het einde van de oorlog uitbundig doorklinkt, is in manuscript bewaard gebleven en door het duo Hochscheid en Van Ruth gereed gemaakt voor uitvoering en uitgave.